Zoeken in Het Zoeklicht

Kosovo, drama in Europaís achtertuin

Jaargang: 84 - 2008, Nummer: 7
In de achtertuin van Europa voltrekt zich langzaam een drama, dat niet los gezien kan worden van andere ontwikkelingen in ons werelddeel: Kosovo werd onafhankelijk. Een Servische provincie, ooit het hartland van de Servische - lees: orthodox-christelijke - cultuur, valt in handen van de moslims uit AlbaniŽ. Een eeuwenlang proces komt plotseling in een stroomversnelling. De wereld erkent grotendeels de nieuwe moslimstaat in de hoop dat de rust op de Balkan verder wordt bestendigd. Dat riekt naar meerÖ!

Terwijl Kosovo nog werd bestuurd door de Verenigde Naties grijpt de bovendrijvende groep mensen, die een voorlopige regering vormen, vooruit op de situatie en roept de onafhankelijkheid uit. De natie Kosovo is een feit. De eeuwenlange islamitische onderdrukking van de ServiŽrs wordt beloond met een eigen staat voor de Albanese moslims. Het begon in 1389 met een historische nederlaag tegen de oprukkende Turken, die hun Ottomaanse rijk vestigden op de Balkan, in het Midden-Oosten en in Noord-Afrika. In 1453 viel het (christelijke) Byzantijnse rijk ten prooi aan de agressieve veroveringsoorlogen van de islamitische Turken en verviel het Oost-Romeinse rijk. Constantinopel (genoemd naar keizer Constantijn - 4e eeuw) werd Istanbul en werd vervolgens de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk. Aan dat Turkse Rijk - een Ďkalifaatí, een moslimstaat dus - kwam tijdens de Eerste Wereldoorlog in 1917 een einde. Mustafa Kemal AtatŁrk (1881-1938) wist het moederland Turkije van verdere ontmanteling te redden, maar hij schafte wel het kalifaat af. Aan de moslimheerschappij in Turkije kwam een einde. Er kwam scheiding tussen moskee en staat.

De erfenis van het Ottomaanse rijk is een islamitische staat in Europa, namelijk AlbaniŽ. Onder Ottomaans bestuur groeide het aantal etnische Albanezen in Kosovo en trokken steeds meer ServiŽrs weg uit Kosovo. De Turken voerden een bewuste politiek om het christelijke Kosovo te islamiseren. Bij bestuurlijke hervormingen in 1864 deden zich massale volksverhuizingen voor van moslims uit AlbaniŽ en ook uit Turkije naar Kosovo. De moslims werden een meerderheid en eisten steeds meer op, ten koste van de oorspronkelijke Servische cultuur. Grote aantallen moskeeŽn werden gebouwd en veel kerken werden omgebouwd tot moskee. Dat zorgde voor een diep ingevreten frustratie bij de achterblijvende ServiŽrs. Nu zijn zij een minderheid in het eigen, oorspronkelijk rijk bloeiende, Servische vaderland Kosovo.

In de jaren í90 begonnen de islamitische Albanezen in Kosovo hun strijd voor onafhankelijkheid. Ze richtten een eigen leger op, de KLA (Kosovaars Bevrijdings Leger). Eťn van de topmannen werd Hashim Thaci (39), nu de eerste premier van de nieuwe staat Kosovo, een soennitische moslim. Omdat sommige rapporten en politieke beschouwingen meldden dat Kosovo een gevaarlijk schurkenstaatje in Europa zou kunnen gaan worden, is het interessant om te kijken wie de nieuwe en door de Albanezen bejubelde nieuwe premier van Kosovo is. De Washington Post meldde destijds al dat het Bevrijdingsleger van Kosovo (toen nog een provincie van ServiŽ) werd gefinancierd met geld uit drugscriminaliteit, vooral richting West-Europa. Het zogenaamde bevrijdingsleger voerde terreurdaden uit, vermoordde Servische politieagenten tijdens overvallen op overheidsgebouwen en politiebureaus. Hoewel de KLA werd verboden tijdens de regering van Slobodan Milosevic werd die in 1999 opnieuw opgericht onder de naam Kosovaarse Beschermingsmacht, maar met dezelfde strijders erin. Tevens werd toen de ĎDemocratische Partij van Kosovoí opgericht, ook geleid door deze zelfde strijders. Zo kreeg het bevrijdingsleger ook alle politieke macht in Kosovo. Op lokaal en regionaal niveau betekent dat tot op vandaag voortdurend manipulatie en intimidatie van politieke tegenstanders en de bescherming van criminele praktijken. Premier Thaci speelt in dit alles een centrale rol. Zijn zelfbenoemde regering (hoezo Ďdemocratische partijí?) is geheel met crimineel geld gefinancierd.

Tegen deze achtergrond moet dan ook de oorlog (1998) van de ServiŽrs tegen de moslims (etnische Albanezen) in Kosovo worden verstaan. ServiŽ duldde geen afscheiding van haar provincie Kosovo. Vanuit Kosovo begon de propagandamachine van de Albanezen op gang te komen. Men verspreidde geruchten van massagraven van Albanezen, die vermoord zouden zijn door de ServiŽrs. Groot nieuws in de Westerse media. De NAVO zegt fotografische bewijzen te hebben van zeker drieŽnveertig massagraven. Na een officieel onderzoek door de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) kwam op 19 april 1999 het bericht dat deze bewijzen ten enenmale ontbraken! Maar dat was toen nauwelijks meer Ďnieuwsí. De trend was gezet ten gunste van islamitische propaganda vanuit Kosovo. ďWe moeten zelfstandigheid krijgenĒ, riepen de moslims in Kosovo en ook in het naburige MacedoniŽ. De tijd was rijp, mede dankzij de NAVO-politiek op de Balkan, om de eisen tot zelfstandigheid te formuleren. Geweld, terreur en propaganda lonen, zo hebben de moslims in Kosovo ontdekt. Het Kosovaarse bevrijdingsleger werd tot 1998 redelijk ongemoeid gelaten door de ServiŽrs, totdat de terreur op ServiŽrs noopte tot ingrijpen. De ServiŽrs hadden het op het internationale niveau en vooral op de televisie allang verloren. De moslims brachten klachten in omloop dat het Westen de arme Albanezen in Kosovo niet hielp in de strijd tegen de agressieve Serven. De NAVO had zich inmiddels diep in de oorlog gemengd door de voortdurende bombardementen op Servische doelen. Het lijkt meer op een Ďpolitiek steekspelí met Rusland, de vroegere aartsvijand van de NAVO, om uit te proberen of Rusland wel zijn tanden wil laten zien. Op 1 april 1999 stuurt Rusland zeven oorlogsbodems naar de Middellandse Zee. Grondtroepen van de NAVO zouden de oplossing moeten bieden, maar verdeeldheid daarover maakt dit onmogelijk. De bombardementen op ServiŽ worden steeds meer bron van politieke verdeeldheid. Regeringen van Frankrijk, Duitsland en Engeland spannen zich in om aan de eigen bevolking duidelijk te maken waarom er bommen moeten worden gegooid. De twijfels erover bleven. De waarnemers van de OVSE hebben in Kosovo grote moeite met beide(!) partijen, niet alleen met de ServiŽrs, maar ook met de Albanezen, verklaart het hoofd van de missie, William Walker. Op 9 juli 1998 wordt door de Ďinternationale gemeenschapí voor het eerst publiekelijk toegegeven dat het Kosovaarse Bevrijdingsleger wel degelijk een rol speelt in het conflict over Kosovo. Met andere woorden: de eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat dit ook niet zulke frisse jongens zijn; het zijn moordenaars en terroristen en niet alleen in de ogen van ServiŽ.

Voor de NAVO-bommen op ServiŽ bestond nimmer de goedkeuring van de VN-Veiligheidsraad en waren derhalve, internationaal gezien, dus illegaal. Het was een aanval op een soeverein land door een buitenlandse militaire alliantie en dat schept een gevaarlijk precedent. De NAVO en Amerika zijn daardoor onbetrouwbaar geworden in de wereld. Van die situatie maakt nu het Rusland van Poetin gebruik om de eigen positie, ook militair, opnieuw te bezien. De groeiende sfeer van overleg met Rusland, sinds Gorbatsjov, is grondig bedorven door een falende strategie van Europa en Amerika op de Balkan.

De politieke oplossing van Milosevic - uitmondend in de verdrijving van burgers uit hun huizen en dorpen ¬Ė is uiteraard niet te rechtvaardigen. Het gooien van bommen in 1999 door de NAVO om de militaire macht van het Servische leger te breken, inclusief bommen op de Servische hoofdstad Belgrado en op de Servische infrastructuur, was politiek gezien niet ongevaarlijk. Dat de Russen de ServiŽrs niet militair te hulp zijn geschoten, mag een wonder heten. Ten tijde van de koude oorlog zou het tot een wereldoorlog geleid kunnen hebben. Maar wat vooral het gevolg is op langere termijn is dat de overwinningsroes van de Albanese islam in Kosovo haar uitstraling zal hebben op de rest van de islamitische wereld, vooral ook in Europa. Want de boodschap is: als je maar lang genoeg doorgaat met terreur en oorlog en nooit opgeeft, zal de islam overwinnen. Kijk maar naar Kosovo. Stel dat moslims zich verenigen in een Bevrijdingsorganisatie in de provincie Zuid-Holland, eerst autonomie eisen en vervolgens onafhankelijkheid van de rest van Nederland. Groepen van het bevrijdingsleger vermoorden politieagenten in Rotterdam en Gouda en blazen overheidsgebouwen in Den Haag op. Zo ongeveer liggen de kaarten als het om Kosovo gaat. Hoe zal de Nederlandse regering reageren? Hoe zal de Nederlandse bevolking reageren?

Bovendien vinden nu ook de Koerden in Irak en Turkije, de Turken op Cyprus en de Basken in Spanje en Zuid-Frankrijk dat ze recht hebben op onafhankelijkheid. Maar ook de moslims op de Filippijnen, de Tamil Tigers op Sri Lanka en zo zijn er nog wel een paar te noemen. Als je maar doorgaat, soms twee stapjes vooruit, dan weer een terug, maar steeds doorgaan. Zo ziet ook de politieke islam eruit in Europa. De Westerse onnozelheid in het zogenaamde politiek correcte denken zal eens hard worden afgestraft nu Europa haar eerste moslimstaat, Kosovo, rijk is.

Een verijdelde aanslag op de Amerikaanse legerbasis Fort Dix in New Jersey in 2007 door zes moslimextremisten, bracht aan het licht dat vier van hen afkomstig waren uit Kosovo - zij zijn etnische Albanezen uit Kosovo. Een buitengewoon interessant artikel in de Washington Post van 10 mei 2007 bracht naar buiten dat verder onderzoek uitwees, dat er allerlei ondergrondse banden bestaan tussen islamisten in Kosovo met gelijkdenkenden in BosniŽ-Herzegovina en van daaruit ook met Al-Qaida van Osama bin Laden, met Hamas en met Hezbollah. De politieke islam ziet de Balkan en met name ook Kosovo, als belangrijke uitvalsbasis naar West-Europa. Al eerder was van de IsraŽlische inlichtingendiensten vernomen dat Hezbollah en Hamas wapens betrekken van criminele groepen op de Balkan. Bij allerlei gelegenheden heeft Bin Laden zich uitgelaten over BosniŽ als ideale uitvalsbasis om West-Europa te ondermijnen en uiteindelijk op de knieŽn te dwingen voor de islam.

In Europa hebben we een soort mantra (meditatiespreuk), dat de politieke islam maar een heel kleine minderheid is van de islamieten in Europa. De zwijgende meerderheid denkt democratisch, zo beweert men steeds. Maar dat zal nog blijken. Kosovo verklaart veel.

Feike ter Velde