Zoeken in Het Zoeklicht

Het Zoeklicht van deze maand:

Er is hoop: Met elke moeilijkheid geeft God uitkomst!

Jaargang: 96 - 2020, Nummer: 6
Een aantal maanden geleden hadden we nauwelijks gehoord van woorden als ‘lockdown’, ‘1,5 meter regel’ en ‘Zoom’. Nu zijn dit ingeburgerde woorden en klinken ze ons bekend in de oren. Door de huidige situatie zijn er ook nieuwe tendensen zoals ‘corona-angst’ en ‘coronastress’.

In een artikel op de NOS site stond het volgende: “Piekeren over de risico's van een coronabesmetting, wakker liggen omdat je je zorgen maakt, denken aan welke erge dingen er mogelijk kunnen gebeuren. Ook als je fysiek niet ziek bent, kun je mentaal behoorlijk veel last hebben van de coronacrisis.”
Het grote verschil met andere noodsituaties is, dat de coronacrisis ons persoonlijk kan raken. Deze crisis is een persoonlijke crisis die ons plotseling kan treffen en dat kan stress en angst veroorzaken.

(On)zekere hoop
Als mensen op straat, op een afstand van anderhalve meter elkaar spreken, dan hoor je regelmatig de ‘bemoedigende’ woorden ‘we zullen het beste er maar van hopen’. Dat klinkt nogal twijfelachtig. Van Dale beschrijft ‘hoop’ als een wensende verwachting dat iets goeds, dat nog onzeker is en in de toekomst ligt, werkelijkheid zal worden’. In de wereld is ‘hoop’ altijd iets onzekers. Het woord hoop bestaat wel in de wereld maar heeft zonder God toch een heel andere betekenis. De Bijbel zegt zelfs dat mensen zonder God en zonder Christus geen hoop hebben (Efeze 2:12).
De Bijbelse hoop is daarentegen vast en zeker. Hoewel de hoop nog een toekomstige hoop is, is het wel een zekere hoop. God staat namelijk Zelf garant, dat het wordt vervuld. Er is hoop omdat Gods karakter trouw is, omdat Hij almachtig is en we mogen weten dat Hij niet loslaat wat Zijn hand begonnen is te doen. Dus waar de wereld haar hoop vestigt op wensende en onzekere verwachtingen, is de hoop van de Bijbel een zeker uitzien.

In deze tijd worden we allemaal geconfronteerd met de lichamelijke vergankelijkheid. Maar Paulus zegt in Romeinen 8:22-25: ‘Want wij weten dat heel de schepping gezamenlijk zucht en gezamenlijk in barensnood verkeert tot nu toe. En dat niet alleen, maar ook wijzelf, die de eerstelingen van de Geest hebben, ook wijzelf zuchten in onszelf, in de verwachting van de aanneming tot kinderen, namelijk de verlossing van ons lichaam. Want in de hoop zijn wij zalig geworden. Hoop nu die gezien wordt, is geen hoop. Immers, wat iemand ziet, waarom zou hij dat nog hopen? Maar als wij hopen wat wij niet zien, dan verwachten wij het met volharding.’
Ons lichaam is nu nog, samen met de rest van de schepping aan de vruchteloosheid onderworpen. Maar bij de opstanding zullen de gevolgen van de zondeval met betrekking tot je lichaam worden weggenomen. In deze verzen staat vijf keer het woordje ‘hoop’. Niet als vage betekenis ‘het beste er maar van hopen’, maar juist woorden van zekerheid. Hoop is een zekerheid met betrekking tot iets dat je nog niet ziet!

Beproefde hoop
‘Hoop’ wordt in Gods Woord op verschillende zaken toegepast. Er is de hoop van de opstanding uit de doden, die troost geeft in tijden van verdriet. Er is hoop op de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, er komt een volmaakt herstel. Er is hoop op bevrijding als het gaat om zondige patronen en de Heilige Geest helpt je in deze geestelijke strijd. In 1 Korinthe 10 wordt er over nog een andere ‘hoop’ gesproken: ’Meer dan een menselijke verzoeking is u niet overkomen. En God is trouw: Hij zal niet toelaten dat u verzocht wordt boven wat u aankunt, maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan’ (vers 13).
Na de zondeval is het een feit dat het leven moeilijk is geworden en worden we geconfronteerd met moeite, verdriet, ziekte en dood. Je persoonlijke moeiten zijn niet uniek, we hebben er allemaal mee te maken. Ook gelovigen hebben hiermee te maken en in de Bijbel zijn er tal van voorbeelden: Adam en Eva, Mozes, David, Jona, Jeremia, Paulus. Maar ook de Heere Jezus Zelf had er mee te kampen.

Het woordje verzoeking kan vanuit het Grieks zowel vertaald worden met ‘beproeving’ ‘verzoeking’ of ‘test'. God geeft ons moeilijke situaties in ons leven, die wij beslist niet fijn vinden met als doel ons geloof te beproeven. Nu kun je het gevoel hebben dat je boven vermogen wordt beproefd. Ook ik hoor wel verhalen waarvan ik denk: ‘moeten deze mensen nu nog meer te verduren krijgen in hun leven?’ En het spreekt vanzelf dat er grenzen zijn aan wat iemand aankan. Je bent niet in staat om alle mogelijke beproevingen te doorstaan. God kent jou volkomen. Hij weet waar je grens ligt. Hij belooft dat de problemen niet te zwaar zullen zijn. Zeg niet: “ik kan het niet; het is mij te veel; het is hopeloos en uitzichtloos; ik kan er niet meer tegen.” God zegt: “Je kunt er wel tegen, want Ik weet wat je grenzen zijn. Ik laat niet toe dat je boven vermogen beproefd wordt”. God staat boven alles. God bepaalt niet alleen de grenzen van de beproeving, maar Hij staat er ook borg voor dat er een oplossing komt.

Gods oplossing is echter niet altijd onze oplossing. Onze gedachten zijn vaak dat de beproeving weggenomen moet worden, maar Gods gedachten zijn hoger. Hij zegt: ‘Mijn genade is voor u genoeg’. Wij willen weg uit de moeilijkheden, terwijl God Zichzelf juist in de zwakheid wil laten zien. De oplossing voor de doorn in het vlees van Paulus (2 Korinthe 12:7-10) was niet dat God die doorn wegnam, maar dat Paulus leerde die doorn te dragen, samen met de pijn ervan, tot eer van God. De doorn hielp hem om meer op de Heere Jezus te gaan lijken. Dat was voor Paulus de beste weg en God wist wat hij aankon. Volharding is vaak de uitkomst. Juist in de beproeving en de daaruit voortvloeiende volharding groei je naar het doel van je leven, gelijkvormigheid aan Christus.

Fundamentele hoop
In de pastorale praktijk zien we dat mensen door de langdurige moeilijke omstandigheden moedeloos en zelfs hopeloos zijn geworden. Zelfs zo ver dat ze God dreigen kwijt te raken en de gemeente vaarwel willen zeggen. Eenzaam en teleurgesteld vervolgen zij hun weg. Vaak ontdekken we dat er weinig fundament onder hun geloofsleven is gebouwd. De basis van hun geloof is, door de beproeving, onvoldoende gebleken. Hoop kan alleen gebouwd worden op een goed fundament.

1. Er is hoop vanwege de onfeilbare beloften in Gods Woord. Onze woorden schieten te kort en zijn als gras. Maar Gods woorden zijn als graniet en blijven voor eeuwig. ’Want alle vlees is als gras en al de heerlijkheid van de mens is als een bloem in het gras. Het gras is verdord en zijn bloem is afgevallen. Maar het Woord van de Heere blijft tot in eeuwigheid’ (1 Petrus 1:24-25). Gods Woord is de waarheid (Johannes 17:17). Zijn woorden zijn betrouwbaar en waarachtig (Openbaring 22:6). Door naar God te luisteren en in Hem te geloven bouw je je huis op een rots en niet op zand.
Zijn stem spreekt niet alleen waarheid maar is ook volkomen wijs in alle situaties. Hij is wonderbaar van raad, Hij is groot in wijsheid (Jesaja 28:29). Zijn woorden zijn niet alleen wijs maar zijn ook tot vreugde en tot blijdschap in mijn hart (Jeremia 15:16). Gods woorden van wijsheid en van vreugde zijn niet verdwenen in tijden van crisis.

2. Hoop hebben in moeilijke tijden heeft ook te maken met een juist beeld van God hebben. Het geheim is te weten dat God een soevereine God is. Niet de natuur is soeverein. God heerst over de natuur, zelfs over de wind (Lukas 8:25). Niet satan is soeverein maar God bepaalt wat Hij doet (Job 1:11). Ook zondige mensen zijn niet soeverein maar handelen naar Gods raadsbesluit (Handelingen 4:27-28). God is heerser over al deze dingen. De Bijbel leert ons dat Hij als Koning alle dingen, alle daden van de mensen, bestuurt in overeenstemming met Zijn eeuwig voornemen. Dus ondanks de moeite in ons persoonlijk leven en de crises in deze wereld kunnen we met Job zeggen: ’Ik weet dat U alles vermag, en geen plan is onmogelijk voor U’ (Job 42:2).

“Soevereine Vader, hemelse Koning,
tot U nader ik en bezing
al uw eigenschappen
heerlijk zonder tal”

(Charles Wesley)

3. Ook is er hoop vanwege de inwoning van de Heilige Geest. De opwekkingsprediker Evan Roberts riep tijdens de opwekking in Wales in 1904 ‘Eer de Heilige Geest’. Gelovigen vereren de Heilige Geest als zij Hem in hun leven Zijn gang laten gaan en als Zijn bediening om Christus te verhogen en ons van zonden te overtuigen, waardoor ze ervaren steeds dieper vernederd te worden en Christus steeds meer verhoogd wordt, onverhinderd voortgang vindt (J. I. Packer; Wandelen door de Geest).
Er is hoop vanwege de Heilige Geest. Op grond van Wie Hij is en wat Hij in de gelovige doet. Hij sterkt de innerlijke mens (Efeze 3:16) en komt onze zwakheid te hulp (Romeinen 8:26). Het te hulp komen van Gods Geest is trouwens Gods antwoord op elke zwakheid in ons leven. Erken dat je het zelf niet kan en vertrouw er op dat de Geest je te hulp zal komen en het in en door je heen zal doen.

Het hebben van Gods Woord, te weten dat Hij soeverein heerst en dat Gods Geest ons met kracht bijstaat zijn fundamentele waarheden voor de hoop die wij te midden van welke crisis dan ook mogen hebben.

In tijden van (corona)crisis kun je met een hoopvol hart het overbekende lied ‘Wat de toekomst brengen moge’ meezingen, waar in het eerste couplet de volgende regel voorkomt ‘Leer mij volgen zonder vragen, Vader wat Gij doet is goed’.

Martin Penning