Image

Vragenrubriek september - 2022

Theo Niemeijer • 98 - 2022 • Uitgave: 9

Heeft vloeken te maken met het ijdel gebruiken van Gods naam? 

Helaas wordt in tv-programma’s steeds meer gevloekt. Vaak gebruikt men een vloek als een soort krachtterm en denkt men helemaal niet aan één of andere God. Ik vraag me dan ook af, in hoeverre dit vloeken te maken heeft met het derde gebod uit Exodus 20:7. In de Statenvertaling wordt gesproken over het ‘ijdel gebruiken van Gods Naam’ terwijl in de Naardense vertaling gesproken wordt over ‘de naam van God aanheffen over valse zaken’. Hoe moeten we dit zien? Is het zo dat in wezen alleen het bewust misbruiken van Gods Naam in het derde gebod bedoeld wordt? (W. J. te @)  

Antwoord: 
We zien de huidige samenleving steeds onverdraagzamer worden. Iedereen heeft het recht om te zeggen hoe je over dingen denkt en wat jij ervan vindt. Hoewel het zeker niet goed te praten is, wat bijvoorbeeld de ‘dolfijnspringster’ gedaan heeft, die bij Zandvoort probeerde een tochtje op de rug van een spitssnuitdolfijn te maken, wil je niet weten hoeveel verwensingen zij over zich heen gekregen heeft! En zo zijn vele voorbeelden te noemen waarin men, met name op sociale media, elkaar de huid vol scheldt.  De Bijbel spreekt van ‘lasterlijke-, zotte-, vuile-, losse-, onreine- en liederlijke taal’, ‘die geen pas geven’ (Efeze 5:4). Deze taal hoort niet bij christenen. Als gelovigen spreken we een ‘andere taal’! In Efeze 5:18-19 zien we dat de vervulling van de Heilige Geest invloed heeft op ons spreken. In Kolossenzen 4:6 staat: ‘Uw spreken zij te allen tijde aangenaam’! Kunnen ongelovigen uit ons spreken opmaken dat we gelovigen zijn?  

In Openbaring 13:5 lezen we over de antichrist die een mond vol godslasteringen heeft en de naam van God lastert, Zijn woonplaats en ook hen die in de hemel wonen. Nog niet zolang geleden werd de ‘Wet op Godslastering’ uit de Nederlandse grondwet geschrapt als niet meer van toepassing op deze tijd! Ja, de geest van de antichrist is nu al in de wereld (1 Johannes 4:3) om in onze tijd de komst van de antichrist voor te bereiden. De meeste Bijbelvertalingen gebruiken in Exodus 20:7 de uitdrukking ‘het ijdel gebruiken van de naam van God’. Luther vertaalde met het ‘misbruiken van Gods naam’ en de Leidse vertaling heeft het over ‘Gods naam tot valsheid op de lippen nemen’. De letterlijke Hebreeuwse vertaling zegt: ‘tot ijdelheid opnemen’. In wezen gaat het in dit gebod om de ‘naam van God’. ‘God’ is op zichzelf geen naam, maar een uitdrukking. In het Oude Testamant kom je verschillende namen van God tegen, zoals: El Eljon (God de Hoogste), El Schaddai (God de almachtige), El Olam (God de eeuwige) en met betrekking tot Israël gebruikt de Here God de naam Jaweh en daar zijn er ook velen van zoals: Jaweh Jireh (De Heere zal voorzien), Jaweh Rapha (De Heere uw Heelmeester), Jaweh Nissi (De Heere mijn Banier), Jaweh Shalom (De Heere is Vrede), Jaweh Raäh (De Heere is mijn Herder), Jaweh Zidkenu (De Heere, onze gerechtigheid), Jaweh Schammah (De Heere is Hier) en Jaweh Zebaoth (De Heere der Heerscharen). In het Oude Testament, komen we vele namen van God tegen, welke door Israël nooit misbruikt mochten worden.

Door de gehele Bijbel lezen we dat de Naam van de Heere heilig is en Zijn naam geheiligd dient te worden. Het vloeken in tv-programma’s heeft dus niet zozeer te maken met het ijdel gebruiken van Gods naam, want die kennen ze meestal niet, maar veelmeer met het lasteren van God Zelf! Het lijkt er zelfs op dat, hoe meer atheïstisch iemand is, hoe meer zo iemand de uitdrukking ‘God’ gebruikt! Vloeken, of vervloeken, heeft in de Bijbel niet zozeer te maken met het lasteren van Gods naam, maar veel meer met het uitspreken van een oordeel. Veel mensen vervloeken zichzelf tot een verdoemenis, zonder het zelf te weten. Het is onze opdracht om hen hiervan op de hoogte te stellen en te waarschuwen! Verder zien we een verruwing, maar ook een verarming van de Nederlandse taal. Bij met name jongeren zijn het noemen van mannelijke en vrouwelijke geslachtdelen binnen het taalgebruik heel normaal geworden, waarmee onze Nederlandse taal steeds verder verloedert.

Daarnaast zien we dat de ‘Godslastering’ steeds verder toeneemt en daarmee de komst van de antichrist wel heel dichtbij komt. Over hen die God lasteren profeteerde Henoch: ‘Zie de Heere is gekomen met zijn heilige tienduizenden, om over allen de vierschaar te spannen en alle goddelozen te straffen voor al hun goddeloze werken, die zij goddeloos bedreven hebben, en voor alle harde taal, die goddeloze zondaars tegen Hem gesproken hebben’ (Judas 14-15).  Hier zien we dat de Heere niet alleen over de werken, maar ook over de ‘harde taal’ Zijn oordeel zal voltrekken.

Worden lauwe christenen ook opgenomen? 

Worden bij de opname van de gemeente alleen de toegewijde en waakzame gelovigen opgenomen of alle gelovigen, dus ook zij die Hem niet verwachten en lauw geworden zijn? (H. S. te @)  

Antwoord:     
U eindigt uw vraag met 1 Korinthe 13:9 ‘Want wij kennen ten dele en wij profeteren ten dele’. Inderdaad zijn er nog veel vragen die voor ons open blijven en waar we niet zomaar een sluitend en passend antwoord op kunnen geven. Iets verderop lezen we ‘Want nu zien we nog door een spiegel in raadselen’ (vers 12). Zo mogen we ook deze vraag benaderen. Soms lijkt het er op, dat alleen de toegewijde, verwachtingsvolle gelovigen opgenomen worden en de vleselijke, onveranderde gelovigen op aarde achterblijven en door middel van de grote verdrukking gelouterd worden om dan alsnog behouden te worden. Deze laatste gedachte is meer gebaseerd op menselijke gevoelens en overwegingen en gaat voorbij aan Gods trouw en genade, die er ook is wanneer ‘wij ontrouw geworden zijn’ (2 Timotheüs 2:13)! 

Wanneer iemand tot het geloof in de Heere Jezus komt, wordt zo iemand toegevoegd aan het lichaam van Christus, verzegeld met de Heilige Geest en als kind van God opnieuw geboren en opgenomen in het gezin van God. Dit wonder van wedergeboorte kan nooit meer ongedaan gemaakt worden. Dit betekent niet dat elk kind van God ook een gehoorzaam kind van God is. Ik denk zelfs, dat de Heere God meer ongehoorzame- dan gehoorzame kinderen heeft! Maar gehoorzaam of ongehoorzaam, je bent en blijft een kind van God, net zoals bij onze aardse ouders. In Efeze 4:3-6 lezen we over de eenheid van de gemeente.

Het lijkt me sterk dat we te maken hebben met een gemeente waarvan één deel opgenomen wordt en een ander deel de grote verdrukking (geheel of gedeeltelijk) mee zal moeten maken. De gemeente vormt één lichaam en bij dat lichaam horen zowel de vleselijke- als geestelijke kinderen van God. Wanneer het lichaam van aarde weggenomen wordt en met haar Hoofd verenigd zal worden, dan zullen geen leden van het lichaam op aarde achterblijven.  We moeten niet vergeten dat de gemeente in de hemelse heerlijkheid als eerste te maken krijgt met de Rechterstoel van Christus (2 Korinthe 5:10) waarvoor we als gelovigen allemaal verantwoording moeten afleggen over ons geloofsleven op aarde. En dan gaat het inderdaad om gelovigen die geprezen en beloond worden, maar ook om gelovigen die beschaamd staan en geen loon ontvangen, echter wel behouden worden, ‘maar als door vuur heen’ (1 Korinthe 3:13-15).  

De voorwaarde om opgenomen te worden is: ‘Indien wij geloven dat Jezus gestorven en opgestaan is’ (1 Thessalonicenzen 4:14) en ‘Zij die van Christus zijn bij zijn komst’ (2 Korinthe 15:23), niet meer en niet minder!  Wanneer u in de Heere Jezus gelooft als uw Verlosser en Zaligmaker Die uw zonden in Zijn lichaam meegenomen heeft naar het kruis en daar het oordeel over uw zonden gedragen heeft, na drie dagen uit de dood opgestaan is en de dood, ook voor ons, overwonnen heeft, kunt u de Heere Jezus danken voor Zijn verlossingswerk en Hem in uw hart en leven toelaten. Dan vindt het grote wonder van wedergeboorte in ons plaats waardoor we Gods Heilige Geest in ons ontvangen en we opnieuw geboren worden. Met dit wonder worden we bewaard voor de vreselijk periode van de grote verdrukking waarin de antichrist op aarde zal regeren!       

Theo Niemeijer