Profeten gezocht

Dirk van Genderen • 82 - 2006/07 • Uitgave: 5
Nog een paar dagen, dan is het weer Pinksteren. Feest van de Heilige
Geest. Feest ook van de gaven van de Geest. “En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters
zullen profeteren” (Hand. 2:17). En het volgende vers zegt: “Zelfs op Mijn dienstknechten en Mijn dienstmaagden zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten en zij zullen profeteren.”


Verootmoediging en terugkeer

Van alle gaven van de Geest is profetie misschien wel de belangrijkste.
Paulus zegt immers in zijn brief aan de Korintiërs: “Jaagt de liefde na en streeft naar de gaven des Geestes, doch vooral naar het profeteren” (1 Kor. 14:1).

Veel christenen weten niet goed raad met profetie. Functioneert deze gave wel? We weten wel dat Efeze 4 zegt dat Christus apostelen,
profeten, evangelisten, herders
en leraars geeft om de heiligen
toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus (vers 11 en 12). Van een profeet geldt dat de Heilige Geest door hem tot de gemeente spreekt (zie o.a. Hand. 11:27 en Hand. 21:10, 11). Zijn boodschap moet stichtend, vermanend en bemoedigend
zijn (1Kor. 14:3).


De oudtestamentische profeten kennen we allemaal wel. Zij stelden
vlijmscherp de zonden van het volk aan de kaak en riepen op tot verootmoediging en terugkeer naar God. Het waren geen mensen
die onbewogen het oordeel aankondigden, maar Godsmannen
die de pijn van het dreigende oordeel tot in het diepst van hun hart voelden en God smeekten om genade, in grote bewogenheid met het volk.


Op de agenda

Ik pleit ervoor dat kerken en gemeenten
dit onderwerp op hun agenda zetten. Is hun spreken wel profetisch? Is er ruimte voor profetie?
En wat is profetie eigenlijk? Wat zegt Gods Woord hierover? En is alles wat als profetie wordt gepresenteerd, wel echte profetie? Hoe kunnen we profetie toetsen? Allemaal vragen die we als kerken en gemeenten niet naast ons neer mogen leggen.


Wanneer de Here ons oproept om het profeteren na te jagen, zouden wij dan doen alsof dit ons niets te zeggen heeft? Het is absoluut te gemakkelijk om te stellen dat de Here alleen onze voorganger, onze predikant gebruikt om te profeteren.
In Efeze 4 worden profeten immers apart genoemd, naast herders,
leraars, apostelen en evangelisten.

Vermoedelijk kan de ‘gemiddelde’ kerkganger niet goed aangeven wat profetie is. Nog moeilijker wordt het wellicht om een of meer hedendaagse profeten te noemen. Maar zou Gods Woord dan niet waar zijn wanneer beloofd wordt dat profeten aan de gemeente worden
gegeven? Is het dan niet waar wat Petrus in Handelingen 2 zegt over het profeteren in de laatste dagen van Zijn dienstknechten en Zijn dienstmaagden? We geloven toch dat we in die dagen leven?



Kan het zijn dat wij, door al onze regels en onze eigen ideeën, te weinig
ruimte geven aan profetie? En nu bedoel ik niet dat we het maar uit moeten gaan proberen, zoals tegenwoordig ook wel gebeurt wanneer mensen op het podium worden neergezet die vervolgens moeten vertellen wat de Geest tot hen zegt. Dat is niet de weg!

God geeft profeten. Alleen Hij! Wij kiezen ze niet uit! En de gave van profetie is waarlijk te heilig om er maar mee te gaan experimenteren.
God zelf zal Zijn stempel
op een profeet zetten. En denk maar niet dat het altijd prettig is om profeet te zijn.


Met passie en vol van de Geest
Hoe is het bij ons? Kan de Here God mensen vinden die bereid zijn door Hem gebruikt te worden
als profeet? Denk niet direct dat u dan als een Jesaja of als een Jona het land door moet gaan om uw boodschap te brengen. Dat kan, maar het kan ook ‘gewoon’ op de plaats waar de Here u heeft gesteld, in uw gemeente. En misschien
wil Hij u wel breder inschakelen.

Waar zijn de profeten die ons terugroepen
tot God? Mensen die de woorden van God spreken. Die de werken van de duisternis ontmaskeren.
Die de tijd waarin we leven, duiden. Die oog hebben voor de onzichtbare geestelijke strijd. Die met gezag spreken omdat
God hen heeft geroepen. Die de mensen richten op de komst van de Here Jezus, op de toekomst van Israël en van de gemeente.

Als we in onze tijd ergens behoefte aan hebben is het aan mensen die door God gezonden zijn en onbevreesd
Zijn Woord willen brengen.
Die met passie en vol van de Geest de heiligen willen toerusten en het lichaam van Christus willen opbouwen.