Kiezen voor de minste weerstand: het verraderlijke kompas van het Concertgebouw
Deze week bereikte ons het bericht dat er een ‘oplossing’ was gevonden voor de rel rondom het Concertgebouw te Amsterdam en de weigering van de Joodse voorzanger Shai Abramson. Er was een compromis gesloten waarbij de openbare samenkomst ’s middags zonder de zanger zou verlopen en twee besloten samenkomsten ’s avonds mét de zanger. De directeur van het Concertgebouw, Simon Reinink, sprak van ‘een lastige situatie’.
Het hele verhaal was een larmoyante vertoning van het Concertgebouw en zijn directeur. Te beginnen met het besluit om de zanger te weigeren. Shai Abramson is ook voorzanger van de IDF en reservist voor het Israëlische leger, maar dat laatste is zo’n beetje iedereen in het land Israël, dus dat zegt an sich weinig. Hij heeft met de oorlog tegen Hamas niets te maken gehad. In zijn optredens in de media en zijn uitingen heeft hij zich bovendien nooit uitgelaten over dit conflict en er nooit zijn steun aan gegeven. De NOS heeft zijn best gedaan om iets te vinden, maar kwam niet verder dan dat hij de troepen succes had gewenst. Er was dus feitelijk geen enkele reden om deze man te weigeren, anders dan dat hij Joods was en in Israël zijn plek als burger innam.
Het Concertgebouw weigerde hem toch. Het heeft er daarbij alle schijn van dat men gezwicht is voor de druk van activistische anti-Joodse actievoerders die zichzelf graag als zogenaamd ‘pro-Palestijns’ neerzetten, maar die als puntje bij paaltje komt niets geven om de Palestijnen. Het lijkt erop dat het Concertgebouw onrust vreesde en wellicht zelfs rellen met alle gevolgen van dien (ingegooide ramen, bekladdingen, negatieve publiciteit en dergelijke) en dat ze dus maar de knie bogen. Dat of ze zijn daadwerkelijk antisemitisch en willen het voor (bepaalde) Joden verbieden om in hun gebouw op te treden, maar dat laatste kan een weldenkend mens zich niet indenken.
De schijn van lafheid wordt verder bevestigd door de draai die gemaakt is in het gesloten compromis. Toen de Joodse gemeenschap, met steun van onder andere Christenen voor Israël, een tegenactie opzette, duurde het niet lang of er werd weer gepraat. Alles voor de juiste publiciteit.
Het interview met de directeur van het Concertgebouw op Nieuwsuur was in dit opzicht veelzeggend. Hij sprak de absurde woorden: ‘We konden het niet goed doen in deze lastige situatie.’ Meneer de directeur, dat kon wél. Als tenminste het morele kompas juist was afgesteld. Wanneer u mensen weigert omdat ze van het verkeerde ‘soort’ zijn en u daarbij laten intimideren door mensen die dat om het hardst roepen onder dreiging van... dan gaat er iets mis. Het moreel juiste was geweest om de Joodse gemeenschap bij haar religieuze viering van het Chanoeka-feest de vrijheid te geven, als verhuurder van de zaal. De voorzanger had niet geweigerd mogen worden. Daar was feitelijk geen reden toe. Had daarom de moed en vastberadenheid gehad om u niet te laten intimideren. Dan was het goede wel gedaan.
Het Concertgebouw koos echter voor de weg van de minste weerstand en toen dat op zijn beurt weerstand opriep, bogen ze ook toen maar mee. ‘Omdat we zagen wat voor controverse dit in de samenleving meebrengt,’ zo sprak Reinink. Hoe ruggengraatloos wilt u het hebben?
Wat leert ons dit als verwachtingsvolle, Bijbelvaste christen?
De meeste mensen zijn laf en kiezen de weg van de minste weerstand. Daar staat het Concertgebouw niet alleen in. Als ooit de dictatuur van de antichrist wordt opgetrokken, zoals de Bijbel voorspelt, zullen de meeste mensen ook dan meebuigen en niet opstaan om zich te verzetten als dat nodig mocht zijn. Zij zullen niet opkomen voor de vervolgden van dat moment (bijvoorbeeld de dan nog aanwezige christenen en na een tijd ook Joodse mensen). Als ze komen voor die ander, dan ben jij immers nog wel veilig en je hebt je familie, je baan en je verantwoordelijkheden om in acht te nemen.
De lafheid rondom de al dan niet komst van Shai Abramson en het vrijelijk antisemitisme dat daarachter door de samenleving stroomt, is een teken van de tijd op zichzelf in deze: het volk van God moet steeds verder in het nauw komen, in het land Israël, maar ook daarbuiten. Dan kan hun valse ‘verlosser’ komen en hun de veiligheid bieden die ze zo wensen. Dan is de valse vrede van Daniël 9: 27 een feit, waarnaar ook 1 Thessalonicenzen 5: 3 verwijst. Bovenstaande is een treffende illustratie van hoe dit werkelijkheid aan het worden is.
Roelof Ham
Wil je deze content helpen mogelijk te maken? Je kunt ons werk steunen door een gift te geven.